In sectoren zoals de (petro)chemie, verfindustrie, voedingsmiddelensector en houtverwerking is explosiegevaar een dagelijks risico. Om werknemers optimaal te beschermen en de veiligheid op de werkvloer te waarborgen, gelden er strenge Europese richtlijnen en regelgeving: de ATEX-normering.
Sinds de herziening van de Europese richtlijnen geldt de ATEX 2014/34/EU-richtlijn (ter vervanging van de oude ATEX 95). Maar wat houdt deze regelgeving precies in? Wat is het verschil tussen machinerichtlijnen en veiligheidsvoorschriften voor werknemers? En welke kleding en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) heb je nodig om aan de wetgeving te voldoen?
In dit uitgebreide artikel leggen we exact uit hoe ATEX werkt, hoe de zone-indeling in elkaar zit en waar je op moet letten bij antistatische en vlamvertragende werkkleding.
Wat is ATEX?
Het begrip ATEX is afgeleid van de Franse benaming ATmosphères EXplosibles. Het omvat alle situaties waarin een risico bestaat op het ontstaan van een explosieve atmosfeer.
Een explosie kan optreden wanneer brandbare stoffen zich vermengen met zuurstof uit de lucht en er een ontstekingsbron aanwezig is. Dit gevaar beperkt zich niet tot gas of benzinedampen; ook onzichtbare stofwolken van bijvoorbeeld meel, hout, suiker, papier of toner kunnen onder de juiste omstandigheden tot een heftige stofexplosie leiden.
De explosiedriehoek
Om explosiegevaar beter te begrijpen, kijken we naar de explosiedriehoek. Een explosie kan namelijk alleen ontstaan wanneer de volgende drie elementen gelijktijdig aanwezig zijn:
- Brandbare stof: Gassen, dampen, nevels of opgewerveld stof (zoals poeder of meel).
- Zuurstof: Aanwezig in de omgevingslucht (circa 21%).
- Ontstekingsbron: Een vonk (bijvoorbeeld door statische elektriciteit van kleding of apparatuur), wrijving, een heet oppervlak of open vuur.
Het doel van de ATEX-wetgeving is om het samenkomen van deze drie elementen te voorkomen of het risico tot een minimum te beperken.
Het verschil tussen ATEX 114 en ATEX 153
Binnen de Europese Unie is de ATEX-wetgeving opgedeeld in twee specifieke richtlijnen. Deze richtlijnen zijn in Nederland verankerd in respectievelijk de Warenwet en de Arbowet.
ATEX 114 (Producten)
- Richtlijn 2014/34/EU
- Eisen aan apparatuur & PBM
- Bepalend voor fabrikanten
ATEX 153 (Werkplek)
- Richtlijn 1999/92/EG
- Verplichtingen werkgever
- Risico-inventarisatie & zones
1. ATEX 114 (voorheen ATEX 95) – Richtlijn 2014/34/EU
- Focus: Apparatuur, machines en beschermingssystemen.
- Doelgroep: Fabrikanten, importeurs en leveranciers.
- Inhoud: Deze richtlijn bepaalt aan welke technische veiligheidseisen apparaten, gereedschappen en beveiligingssystemen moeten voldoen wanneer ze worden gebruikt in explosiegevaarlijke omgevingen.
- Herkenning: Goedgekeurde apparatuur en beschermingsmiddelen worden voorzien van een specifiek zeskantig Ex-symbool in combinatie met de CE-markering en uitgebreide technische documentatie.
2. ATEX 153 (voorheen ATEX 137) – Richtlijn 1999/92/EG
- Focus: De werkomgeving en de veiligheid van werknemers op de werkvloer.
- Doelgroep: Werkgevers.
- Inhoud: Op grond van het Arbeidsomstandighedenbesluit zijn werkgevers wettelijk verplicht om een beleid te voeren dat werknemers beschermt tegen explosierisico's.
Werkgevers moeten de risico’s vastleggen in een Explosieveiligheidsdocument (EVD), dat onder meer bestaat uit:
- Een grondige risicoanalyse en inventarisatie (RI&E).
- Een duidelijke gevarenzone-indeling van de werkvloer.
- Passende technische en organisatorische veiligheidsmaatregelen.
- Het verplicht opleiden en instrueren van medewerkers over veilig werken in ATEX-zones.
- De fysieke markering van gevaarlijke gebieden met het gele waarschuwingsdriehoek met 'EX'.
Welke soorten explosiegevaar zijn er?
Explosiegevaar kan zich uiten in drie verschillende vormen:
- Gasexplosiegevaar: Ontstaat wanneer brandbare gassen vrijkomen en mengsels vormen met de lucht. Dit risico wordt op de werkvloer gemeten met een speciale LEL-meter (Lower Explosive Limit).
- Nevelexplosiegevaar: Vloeibare brandbare stoffen verdampen snel, zeker bij hogere temperaturen. Wanneer vloeistoffen verneveld worden in zeer kleine druppeltjes (zoals bij spuitprocessen), gedraagt de nevel zich als een gas en kan deze eenvoudig ontbranden.
- Stofexplosiegevaar: Fijn verdeelde vaste stoffen (zoals houtstof, bloem of chemische poeders) die opwervelen in de lucht kunnen een ontplofbare stofwolk vormen. Een praktisch ezelsbruggetje op de werkvloer: wanneer het zicht door opgewerveld stof minder is dan 1 meter, of wanneer je duidelijke voetstappen in een stoflaag van minstens 0,1 mm op de vloer kunt zien, is er sprake van een direct stofexplosierisico.
Indeling van ATEX-zones
Vanuit de ATEX 153-richtlijn is de werkgever verplicht om risicogebieden in te delen in specifieke ATEX-zones. Deze indeling is gebaseerd op de frequentie en de duur waarin een explosief mengsel aanwezig kan zijn.
Zones voor gassen, dampen en nevels krijgen de nummers 0, 1 en 2. Zones voor brandbaar stof krijgen de nummers 20, 21 en 22.
| Zone (Gas/Damp) | Zone (Stof) | Type explosiegevaar | Frequentie / Aanwezigheid |
|---|---|---|---|
| Zone 0 | Zone 20 | Continu of langdurig aanwezig | > 10% van de bedrijfsduur |
| Zone 1 | Zone 21 | Occasioneel tijdens normaal bedrijf | Tussen 0,1% en 10% van de bedrijfsduur |
| Zone 2 | Zone 22 | Korte duur, voornamelijk bij storing/incident | < 0,1% van de bedrijfsduur |
Apparatuur en beschermingsmiddelen worden op basis van deze zones ingedeeld in categorieën, zodat er altijd de juiste mate van bescherming aanwezig is.
Is ATEX een normering voor kleding?
Een veelvoorkomend misverstand op de werkvloer is de zoektocht naar "ATEX-gecertificeerde kleding". ATEX is géén kledingnormering, maar een Europese wettelijke richtlijn voor de totale werkomgeving en apparatuur.
Omdat kledingstukken en de menselijke huid elektrostatische ladingen kunnen opbouwen, kan een plotselinge vonkoorslag een explosie veroorzaken in een ATEX-zone. Om dit risico weg te nemen, stelt de ATEX-richtlijn dat de gedragen bedrijfskleding en schoenen aan specifieke Europese veiligheidsnormen moeten voldoen.
EN 1149-5: De overkoepelende norm voor antistatische kleding
Beschermende kleding die gedragen wordt in ATEX-omgevingen moet gecertificeerd zijn volgens de EN 1149-5 normering (Elektrostatische eigenschappen - Prestatie-eisen). Kleding met deze normering voorkomt dat statische elektriciteit zich ophoopt, waardoor het risico op vonkvorming wordt uitgesloten.
Welke eisen stelt de EN 1149 normering?
- Geleiding via een geaard systeem: Antistatische kleding werkt alleen optimaal wanneer de drager volledig geaard is. Dit betekent dat de kleding gedragen moet worden in combinatie met elektrisch geleidend schoeisel (zoals ESD- of antistatische werkschoenen).
- Combineerplicht met vlamvertraging (EN ISO 11612 / EN 531): Kleding die voldoet aan EN 1149-5 mag alleen geaccepteerd worden als het doek tevens gecertificeerd is voor vlamvertragende eigenschappen (EN ISO 11612). Mocht er in een omgeving immers explosiegevaar heersen, dan is er bij ontbranding ook direct sprake van vuur- en hittegevaar.
- Afgedekte metalen onderdelen: Metalen knopen, ritsen en sluitingen mogen nooit direct aan de buitenzijde blootgesteld staan; ze moeten altijd door de stof afgedekt zijn om vonken bij contact te voorkomen.
- Doorlopend contact: De geleidende buitenstof of zoom moet direct of indirect in contact blijven met de huid/aarding.
Vragen over ATEX en de juiste veiligheidskleding?
Werken in een ATEX-omgeving vraagt om uiterste precisie en de juiste beschermingsmiddelen. Bij Unishore Workwear hebben we een ruim assortiment aan Multinorm werkkleding, vlamvertragende kleding en antistatische werkschoenen die volledig voldoen aan de EN 1149-5 en EN ISO 11612 normeringen.
Wil je weten welke multinorm kleding geschikt is voor de zone-indeling binnen jouw bedrijf? Neem gerust contact op met onze PBM-specialisten voor een advies op maat.